Trots stond Manengans-papa toe te kijken in het Baudartiuspark (het kleine park)
t vrouwtje en 13 kleuters dobberden gezapig rond
Manenganzen (het zijn wel degelijk eenden) smeden een monogame, stevige en langdurige paarband
Ze voeden zich vooral met gras
Eenmaal op het droge willen alle 13 beschutting zoeken tegen de koude,
onder moeders vleugels werd het drummen