Ik vertrek één keer. Daarna blijf ik.
Ik vertrek misschien twee keer. Maar dán zal ik toch blijven…
Ik vertrek misschien twee keer. Maar dán zal ik toch blijven…
Als ik vertrokken ben zal ik één keer blijven staan
en aarzelen, misschien ook wel twee keer - ik weet het niet...
Ik heb gelijk, zal ik denken.
Ik neem de kortste weg, de mooiste weg en ook de snelste weg.
De weg langs afgronden en elegante ruïnes,
de weg langs klaprozen, langs schreeuwende meeuwen -
De weg naar huis.
Toon Tellegen

